Noun: kansspel
Gender: Neuter
Hyphenation:
| Sg. | kansspel |
| Pl. | kansspelen |
Sample Sentences
-
De lotto en automaten waarbij handigheid geen rol speelt zijn kansspelen
-
Beleggen zonder kennis van zaken is een kansspel (Investing without insight is a gamble.)
Nouns inflected like kansspel
motiveering,
Duitse herdershond,
urilift,
vervolmaking,
elektrische spanning,
ovenfriet,
winteravond,
weervrouw,
besteding,
bloemenveiling,
vertakking,
tintinofiel,
synaps,
olieraffinaderij,
vliegtuigkaping,
sawaslang,
verzetting,
afrondfout,
druivenoogst,
wintermaand, etc. (List truncated at 20 nouns)
Etymology
From kans (“chance”) + spel (“game”).
Translations