Toggle Menu
Your continued donations keep Verbix running!

Languages: Dutch : opstaan

Verb conjugation in Windows:

Infinitive: opstaan

Present participle: opstaand
Past participle: opgestaan

Indicative Conditional

Present
ik     sta op
jij    staat op
hij    staat op
wij    staan op
jullie staan op
zij    staan op

Present Perfect
ik     ben opgestaan
jij    bent opgestaan
hij    is opgestaan
wij    zijn opgestaan
jullie zijn opgestaan
zij    zijn opgestaan


Past

ik     stond op
jij    stond op
hij    stond op
wij    stonden op
jullie stonden op
zij    stonden op


Past Perfect

ik     was opgestaan
jij    was opgestaan
hij    was opgestaan
wij    waren opgestaan
jullie waren opgestaan
zij    waren opgestaan


Future

ik     zal opstaan
jij    zult opstaan
hij    zal opstaan
wij    zullen opstaan
jullie zullen opstaan
zij    zullen opstaan


Future Perfect

ik     zal opgestaan zijn
jij    zult opgestaan zijn
hij    zal opgestaan zijn
wij    zullen opgestaan zijn
jullie zullen opgestaan zijn
zij    zullen opgestaan zijn

Present
ik     zou opstaan
jij    zou opstaan
hij    zou opstaan
wij    zouden opstaan
jullie zouden opstaan
zij    zouden opstaan

 

Perfect
ik     zou opgestaan zijn
jij    zou opgestaan zijn
hij    zou opgestaan zijn
wij    zouden opgestaan zijn
jullie zouden opgestaan zijn
zij    zouden opgestaan zijn

Imperative


jij    sta op





!


Verbs conjugated like opstaan

aanstaan, achterstaan, afstaan, bestaan, bijstaan, doorstaan, gelijkstaan, instaan, ontstaan, openstaan, opstaan, staan, stilstaan, terechtstaan, toestaan, uitstaan, vaststaan, verstaan, vrijstaan, weerstaan,


. Conjugations based on Verbix for Windows

Discover more verb related information in WikiVerb. Also see the Dutch language page there.
Content updated
© Verbix 1995-2009. http://www.verbix.com